img_0235

Op deze pagina komen diverse onderwerpen aan de orde die belangrijk kunnen zijn na de medische transitie, zoals: periodieke controles, borstimplantaten, osteoporose, testosteron voor vrouwen met een transgender achtergrond, bevolkingsonderzoeken, HIV, etc. Op het tabblad ‘Iedereen’ vind je onderwerpen die voor iedereen die een gehele of gedeeltelijke transitie heeft doorgemaakt van belang zijn. Op de tabbladen ‘trans mannen’ en ‘trans vrouwen’ vind je onderwerpen die meer van belang zijn voor specifiek die doelgroep.

Alle informatie beschrijft algemene trends en situaties, waaruit niet zonder meer conclusies voor een individueel geval kunnen worden getrokken. Voor een juiste beoordeling van je eigen situatie, dien je dus altijd te overleggen met je huisarts of een andere professionele hulpverlener of behandelaar.

Iedereen

Op dit tabblad worden een aantal onderwerpen besproken die voor iedereen die een gehele of gedeeltelijke transitie heeft ondergaan van belang kunnen zijn. De onderwerpen zijn:

Periodieke controle

  • Het is belangrijk dat de transgender persoon, nadat de transitie volledig is afgerond, eenmaal per 2 jaar op controle komt bij een endocrinoloog. Daarbij wordt ook een bloedonderzoek uitgevoerd. Ook kan een botdichtheidsonderzoek worden uitgevoerd om de staat van de botdichtheid te controleren en te kijken of er geen sprake is van botontkalking.
  • Sinds kort heeft het Amsterdam UMC (voorheen VUmc) contacten met andere ziekenhuizen in Nederland waar de transgender persoon voor deze periodieke controles terecht kan en waar de hormonen kunnen worden voorgeschreven. Op de website van het Amsterdam UMC (voorheen VUmc) vind je hierover verdere informatie.

Medisch onderzoek en mededeling

Hoewel het voor mensen soms lastig is om, als je je transitie hebt doorlopen, je geschiedenis weer op te halen, adviseren we je dringend altijd open kaart te spelen. Anders kunnen organen ontdekt worden die er niet ‘horen’ te zitten. Of is medicatie niet afgestemd op jouw persoon. Sommige medicatie heeft een dosering die is afgestemd op het geslacht. Het kan goed zijn dat een man met een transgender achtergrond toch de medicatie of medicatiehoeveelheid van een vrouw nodig heeft en andersom een vrouw met een transgender achtergrond die van een man. Een cardioloog kan volledig in de war raken als je geen opening van zaken geeft. Dus voor je eigen veiligheid speel altijd open kaart naar je behandelaars over je transgender achtergrond.

Bevolkingsonderzoeken naar borstkanker en baarmoederhalskanker

Op 1 juli 2014 is een wetswijziging in werking getreden die het makkelijker maakt om in de geboorteakte de vermelding van het geslacht te wijzigen. Omdat hiermee ook de gegevens veranderen in het BRP (Basisregistratie Personen, voorheen GBA) heeft dit ook consequenties voor het wel of niet ontvangen van uitnodigingen voor de bevolkingsonderzoeken baarmoederhalskanker en borstkanker. De screeningsorganisaties ontvangen namelijk vanuit het BRP de gegevens, op basis waarvan de uitnodigingen worden verstuurd. In dit artikel vind je informatie vinden over de bevolkingsonderzoeken die voor jou van belang kunnen zijn. Omdat het risicoprofiel voor jou als man of vrouw met een transgender achtergrond mogelijk anders is doordat je vaak langdurig onder medische zorg staat of hebt gestaan en ingrijpende behandelingen ondergaat of hebt ondergaan, raden wij je aan om het nut van deelname te bespreken met jouw huisarts of specialist.

  • Man met transgender achtergrond: Iemand die een (administratieve) geslachtswijziging heeft ondergaan naar man, wordt niet meer automatisch uitgenodigd voor het bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker en borstkanker. Als je geen (of beperkte) geslachtsveranderende operaties hebt gehad, kun je nog steeds in aanmerking komen voor screening. Indien je deel wilt nemen aan een screening en qua leeftijd in de doelgroep valt, kun je contact opnemen met de screeningsorganisatie in jouw regio (zie hieronder). In overleg met de screeningsorganisatie kun je afspraken maken voor de screening (bij een huisarts voor een uitstrijkje en bij een ziekenhuis voor een mammogram). Je dient je voor iedere screeningsronde opnieuw aan te melden. De kosten voor de screening worden vergoed door de screeningsorganisatie.
  • Vrouw met trangender achtergrond: Iemand die een (administratieve) geslachtswijziging heeft ondergaan naar vrouw, ontvangt voortaan een uitnodiging voor het bevolkingsonderzoek borstkanker en baarmoederhalskanker. Je hebt eerder nooit uitnodigingen en informatie over deze bevolkingsonderzoeken ontvangen. Meer informatie over de bevolkingsonderzoeken vind je op onderstaande websites. Indien je deel wilt nemen aan de screening naar borstkanker en qua leeftijd in de doelgroep valt, kun je contact opnemen met de screeningsorganisatie in jouw regio (zie hieronder). In overleg met de screeningsorganisatie kun je een afspraak maken voor de screening Na jouw aanmelding zul je voortaan meegenomen worden in het reguliere uitnodigingsschema voor de bevolkingsonderzoeken. De kosten voor de screening worden vergoed door de screenings-organisatie.
  • Uitstrijkje bij vrouwen met een transgender achtergrond: Veel transgender vrouwen gaan er vanuit dat een uitstrijkje voor hun niet nodig is. Er is immers geen baarmoederhals dus er kan daarom geen kanker ontstaan. Echter om een aantal redenen kan het nodig zijn om wel een uitstrijkje te laten maken. Als de vagina is gemaakt van penishuid dan kunnen zich wel kankers ontwikkelen die bij penishuid horen. Op de Belgische website Transgenderinfo is hierover goede informatie te vinden.
  • Doelgroep bevolkingsonderzoeken: baarmoederhalskanker vrouwen van 30 – 60 jaar en borstkanker vrouwen 50 – 75 jaar.

Meer informatie over de bevolkingsonderzoeken te vinden op de website borstkanker en de website baarmoederhalskanker Contactgegevens screeningsorganisaties:

Lees ook het artikel van de WHO over dit onderwerp, ook de WHO waarschuwt dat het risico op kanker voor bepaalde transgender mensen hoger is.

Osteoporose

Osteoporose of botontkalking is meer dan alleen een ontkalking van het bot, daarom wordt hier verder de term osteoporose gebruikt. Een van de aandachtspunten in de gezondheid voor vooral vrouwen met een transgender achtergrond is de preventie, het voorkomen, van botontkalking. Mannen met een transgender achtergrond nog niet afhaken, ook voor jullie staat in dit artikel belangrijke informatie! Dat dit een belangrijk aandachtspunt is komt wel naar voren uit Belgisch onderzoek van de universiteit van Gent. Uit dit onderzoek blijkt dat trans vrouwen bij aanvang van hun transitie een lagere botdichtheid hebben dan de cismannen waarmee ze zijn vergeleken. Ook hebben ze een lagere spiermassa. 16% van deze trans vrouwen die zich aanmelden voor de transitie hebben osteoporose, dat is vier keer zo vaak als bij de rest van de bevolking. Gronings onderzoek laat een vergelijkbaar beeld zien. Daar wordt bij 22% van de trans vrouwen osteoporose gevonden.

Het Amsterdam UMC (voorheen VUmc) heeft enigszins andere uitkomsten gevonden bij haar onderzoek naar het effect van hormoongebruik op de botten en eventuele botontkalking. Volgens dat onderzoek stijgt botdichtheid na de start van hormoongebruik korte tijd, zowel bij trans mannen als bij trans vrouwen. Die toename duurt ongeveer 5 jaar. Daarna is er sprake van een lichte daling. Na 15 jaar is de botdichtheid weer op het niveau van voordat met het hormoongebruik is begonnen. Verder afname loopt verder gelijk met de afname van de botdichtheid die ieder mens doorloopt gedurende zijn leven. Het standaard advies om meer te bewegen en melk te drinken is een wat mager advies. Er valt in de preventie wel wat meer te doen dan dat. Osteoporose is vooral vervelend als er breuken gaan optreden in de wervels. Deze breuken herstellen niet. Het gevolg is ingezakte wervels en daardoor chronische pijn. Voorkomen is dus beter dan genezen. Met medicatie is het de afname van de botdichtheid te vertragen en soms terug te draaien. Een uitgebreid artikel over osteoporose osteoperose kun je downloaden.

HIV

Zowel de GGD in Nederland (met name Amsterdam) als de WHO maken zich zorgen over het risico op HIV dat transgender mensen in bepaalde situaties lopen. Meer info in het rapport van de WHO of neem contact op met de GGD van Amsterdam of de plaatselijke GGD. Op de website Transgenderinfopunt van TNN staat een artikel over veilig vrijen, onder meer in relatie tot HIV en SOA’s, met aanbevelingen en tips.

Trans mannen

Op dit tabblad komen een aantal onderwerpen aan de orde die van belang kunnen zijn voor mannen met een transgender achtergrond, te weten:

Controle plasbuis

De mannen die een plasbuisverlenging hebben wordt aangeraden jaarlijks een flow-residu meting laten doen bij een urologische afdeling.

Vagina

Niet alle transgender mannen laten de vagina verwijderen. De behandeling met testosteron kan tot bepaalde klachten aan de vagina leiden. Trans mannen moeten zich laten informeren over de mogelijke symptomen en de plaats waar ze deze klachten het best kunnen laten behandelen.

Borstkanker

Net als cisgender mannen hebben ook trans mannen kans op borstkanker (lees het verhaal van een transgender man). Bekijk de website borstkanker bij mannen van het Antoni van Leeuwenhoek ziekenhuis en het UMC Utrecht.

Bloedwaarden

Mannen met een transgender achtergrond kunnen een verhoogd hemoglobine en verhoogd hematocriet gehalte in hun bloed hebben als gevolg van het gebruik van testosteron, het bloed zou dan stroperig kunnen worden. Reden om zeker eenmaal per twee jaar het bloedonderzoek te laten uitvoeren. Zie ook de artikelen op onze pagina wetenschap over dit onderwerp onder endocrinologische behandelingen.

Trans vrouwen

Op dit tabblad komen een aantal onderwerpen aan de orde die van belang kunnen zijn voor transgender vrouwen die de transitie achter de rug hebben:

Controle van de vagina

De neovagina heeft geen fysiologische barrières tegen infecties (bv. verlaagd pH) en is vatbaar voor verschillende gynaecologische aandoeningen, die tevens tot veranderingen van het weefsel kunnen leiden. Neovaginale controles vanaf het eerste jaar ná de  geslachtsaanpassende ingrepen worden jaarlijks aanbevolen en zijn onderdeel van een verantwoorde postoperatieve zorg, mede vanwege de prostaat die niet is verwijderd. Over de intervallen voor deze zorg bestaat internationaal geen consensus. Vooralsnog worden ten tijde van seksuele activiteit intervallen tussen 3 – 5 jaar aanbevolen. De neovagina die is geconstrueerd uit darmweefsel is kwetsbaarder. Het risico op ontstekingsachtige verschijnselen, veranderingen van het weefsel, of of zelfs het ontwikkelen van kwaadaardige cellen is aanwezig. Neovaginale controles worden vanaf het eerste jaar ná de ingreep jaarlijks in samenwerking met het specialisme Maag-Darm-Leverziekte, aanbevolen.

Borstimplantaten

De laatste jaren is nogal wat te doen over borstimplantaten en met name die van PIP en M-implants. Er is een informatieve site van de rijksoverheid over dit onderwerp. Verder is er sinds kort een meldpunt voor mensen die denken dat ze bijwerkingen hebben van implantaten (geldt voor alle implantaten).  Procedure daarbij is: mensen moeten zich eerst melden bij hun arts. Legt die niet of onvoldoende de relatie met het implantaat, dan kun je naar het meldpunt. Het meldpunt heeft meerdere functies: problemen met implantaten in kaart brengen en individuele personen doorverwijzen. Het meldpunt behandelt zelf geen personen.

Vaccinaties tegen HPV bij trans meisjes

Meisjes (vanaf 13 jaar) krijgen in Nederland een uitnodiging zich te laten inenten tegen het Humaan papillomavirus (HPV). Omdat transgender meisjes op dat moment in het bevolkingsregister nog geregistreerd staan naar hun geboortegeslacht, krijgen zij geen uitnodiging voor deze vaccinatie. Hoewel er artsen zijn die zeggen dat de neovagina niet gevoelig is voor HPV, zijn andere artsen wel voorstander van het vaccineren van deze meisjes nadat de geslachtsaanpassende operatie heeft plaatsgevonden. Nadere informatie over deze vaccinatie is onder meer te vinden op de pagina van het RIVM. Bespreek het al dan niet vaccineren met je behandelend arts.

Hormoongebruik en vergroot risico op beroerte en trombose

Op 14 augustus 2018 verscheen er een artikel in het Nederlands Tijdschrift voor geneeskunde, dat handelt over de uitkomst van een onderzoek waaruit zou blijken dat transgender vrouwen een groter risico lopen op een trombose, longembolie, hartinfarct of beroerte dan cisgender vrouwen. Het risico op een trombose of longembolie of hartinfarct is 2.5 keer hoger en op een beroerte of herseninfarct zelfs 4 keer hoger.

Dit verhoogde risico is het gevolg van de hormoontherapie. Bij cis vrouwen die hormonen gebruiken is bekend dat hormoontherapie via de huid een lager risico geeft dan hormoontherapie per pil. Hoe dat bij transgender vrouwen zit is niet bekend.

Het lijken alarmerende cijfers, maar het is wel belangrijk om je te realiseren dat het nog steeds om een relatief kleine risico gaat, dat opwegen tegen de positieve uitkomsten van hormoontherapie. Het is een risico dat overeen zou komen met het risico van cis vrouwen die de pil gebruiken.

Het is wel een risico dat moet worden besproken met je arts, zeker als er nog andere risicofactoren zijn, zoals een belaste familiegeschiedenis, diabetes, hoge bloeddruk, roken, te veel alcoholgebruik, overgewicht of hoog cholesterolgehalte. Daarom is ook de tweejaarlijkse controle een must. Mocht je het idee hebben dat je ook om andere redenen een verhoogd risico hebt, overleg dan met je arts wat je kunt doen en welke extra controle of begeleiding wellicht nodig is.

Het is goed om te weten dat je ook zelf veel kunt doen om het risico te verkleinen, zoals: voldoende bewegen, het eten van voldoende groente en fruit, het eten van vette vis, het zorgen voor een gezond gewicht en het laten controleren van je bloeddruk. Als je rookt of veel drinkt zou je daar het best mee kunnen stoppen en als dat niet lukt ga met je huisarts praten over begeleiding.

Het artikel in het Tijdschrift voor Geneeskunde is gebaseerd op een artikel over onderzoek waarover ook een artikel is verschenen in de Annals of Internal Medicine op 21 augustus 2018:

http://annals.org/aim/article-abstract/2687653/cross-sex-hormones-acute-cardiovascular-events-transgender-persons-cohort-study

Het artikel in Het Tijdschrift voor Geneeskunde is terug te lezen op Blendl:

https://www.ntvg.nl/artikelen/nieuws/transvrouw-heeft-hoger-risico-op-trombose-en-beroerte/volledig

Ook in andere vakbladen en in de internationale pers is dit onderzoek besproken:

http://www.crtonline.org/news-detail/cardiovascular-risks-elevated-in-transgender-women

en https://www.reuters.com/article/us-health-transgender-stroke-risk/hormone-therapy-poses-stroke-risk-for-transgender-women-idUSKBN1JZ2Q1

De de website www.hartwijzer.nl van de Nederlandse Vereniging van Cardiologen staat  goede informatie over risicofactoren en wat je zelf kunt doen:

https://www.hartwijzer.nl/risicofactoren

Testosteron voor transgender vrouwen ?? Nee toch?? Wel toch !!

Vrouwen hebben vrouwelijke hormonen en mannen mannelijke. Dus transgender vrouwen moeten vrouwelijke hormonen krijgen en transgender mannen mannelijke. Dat is in ieder geval wat er vaak wordt gedacht. Maar de werkelijkheid is genuanceerder. Vrouwen hebben naast vrouwelijke hormonen ook een lage hoeveelheid testosteron nodig en mannen maken ook een beetje oestrogeen. Bij mannen hoeft oestrogeen niet separaat te worden toegediend, omdat het lichaam een deel van de testosteron omzet in oestrogeen. Voor vrouwen is dat anders. Wat testosteron doet bij vrouwen is wel bekend. Vrouwen hebben testosteron nodig om fit en actief te kunnen zijn. Het is nodig voor een goede gezonde botopbouw en het maakt dat vrouwen zin krijgen, zin om wakker te worden, zin om te werken, zin om op pad te gaan en zin in seks. Als er niet genoeg testosteron aanwezig is, kan dat gevolgen hebben. De gevolgen van een tekort aan testosteron kunnen depressie, botontkalking en vermoeidheid zijn. Je hebt nergens meer zin in. Ook vrouwen met een transgender achtergrond kunnen zo’n tekort oplopen. Zeker als de behandeling jong is ingezet en er nooit een hoge testosteronspiegel is geweest. Dus als je je te moe voelt, nergens zin in hebt en somberheid op de loer ligt, dan wordt het misschien tijd om eens naar je testosteronwaarde te vragen. Het kan zijn dat die te laag is. Belangrijk is wel om te weten dat het niet alleen gaat om de waarde van het testosteron in het bloed, maar ook om de verhouding met de andere hormonen.