Het medisch ingrijpen bij kinderen bestaat, naast psychologische begeleiding, alleen uit het geven van puberteitsremmers. Het daadwerkelijk verstrekken van geslachtshormonen (cross-sekse hormonen) gebeurt (onder voorwaarden) vanaf het 15e jaar en operaties worden niet voor het 18e jaar uitgevoerd. op deze pagina gaan we in op:

  1. De medische transitie
  2. De vergoeding van behandelingen
  3. De seksuele ontwikkeling van transgender kinderen en jongeren

1. Medische transitie

De medische transitie bij genderkinderen bestaat uit de volgende fasen:

  1. Gebruik van puberteitsremmers
  2. Gebruik van geslachtshormonen
  3. Genderbevestigende operaties
21

a. Gebruik van puberteitsremmers

Pas vanaf het intreden van de puberteit kan er worden gestart met een hormonale behandeling in de vorm van puberteitsremmers. Voor die tijd bestaat de hulp uit psychologische hulp en het begeleiden van het kind/jongere en ouders in het omgaan met de genderdysfore gevoelens en de problemen die daaraan gerelateerd (kunnen) zijn.
Er bestaan twee redenen om met puberteitsremmers te starten. Ten eerste geeft het de genderjongere meer tijd om de genderidentiteit te ontdekken, omdat het de ontwikkeling van de geslachtskenmerken remt. Daardoor ontstaat meer tijd om uit te zoeken in welke richting het gendergevoel evolueert. Ten tweede ondersteunt het gebruik van puberteitsremmers de eventueel latere transitie, aangezien verhinderd wordt dat secundaire geslachtskenmerken tot ontwikkeling komen (denk aan: borstgroei, groei testes/penis, baard in de keel, spier/vetverdeling, baard, verdere beharing, etc.). Het gebruik van deze puberteitsremmers is omkeerbaar.
De hormonale behandeling kent twee fasen, het geven van puberteitsremmers en het geven van cross-sekse hormonen. De endocrinoloog/kinderarts onderzoekt in welke ontwikkelingsfase (Tanner stadium) een kind/jongere zich bevindt en welke behandeling geschikt is. De behandeling start met een medisch onderzoek door een endocrinoloog/kinderarts. Deze arts is ook een belangrijke begeleider voor het volgen van de puberteitsontwikkeling, de hormonale therapie, de botontwikkeling en het opmeten van de groei.
Als het kind/de jongere in de puberteit komt, en het heeft gevraagd de geslachtsontwikkeling van het geboortegeslacht te stoppen en de ouders zijn daarmee akkoord, kan gestart worden met puberteitsremmers. (Voorwaarde is wel dat ook behandelaars akkoord zijn). Het tijdstip van het opstarten wordt bepaald door het intreden van de puberteit in het Tanner stadium 2, waarbij de productie van geslachtshormonen op gang komt en secundaire geslachtskenmerken zichtbaar worden. Dit verschilt voor jongens en meisjes en van kind tot kind. Niet de leeftijd maar het ontwikkelingsstadium is dus leidend. De endocrinoloog onderzoekt het lichaam en zijn bevindingen worden bevestigd door hormonale bloedwaarden. Voor meisjes schommelt het intreden van de puberteit tussen 8 en 13,5 jaar. Start van de puberteit valt af te lezen aan de borstontwikkeling, de groei van de baarmoeder, een algemene groeiversnelling, een toename van de botontwikkeling, en een vrouwelijke lichaamsvetverdeling. Voor jongens wordt er gekeken naar het volume van de testis, dat 4 ml moet bedragen, wat ergens tussen 9 en 14,5 jaar is.
Er is geen hormonale behandeling mogelijk of nodig voordat de puberteit start. De behandeling kan dus pas starten vanaf Tanner stadium 2. Behandeling met puberteitsremmers is bovendien omkeerbaar en dus niet definitief. Indien er gestopt wordt, gaat het eigen puberteitsproces gewoon weer verder. Uit de praktijk blijkt dat de reacties op de lichaamsveranderingen bij de intrede van de puberteit vaak intens zijn en soms ook ‘verrassend’: in sommige gevallen zorgt de intrede van de puberteit voor een verandering in de genderidentificatie.

b. Gebruik van geslachtshormonen

Jongeren die 15 jaar of ouder zijn en die door het behandelteam zijn gediagnosticeerd als genderdysfoor, kunnen geslachtshormonen krijgen van het wensgeslacht, onder de voorwaarde dat ze al minimaal 2 jaar puberteitsremmers hebben gebruikt. Omdat deze hormonen hetzelfde zijn als die voor volwassenen wordt voor de beschrijving verwezen naar de betreffende pagina voor volwassenen.

c. Genderbevestigende operaties

Genderbevestigende operaties worden niet eerder uitgevoerd dan nadat de jongere 18 jaar of ouder is. Deze operaties worden hier niet verder beschreven, omdat ze gelijk zijn aan de behandeling bij volwassenen. Voor nadere informatie over de operaties wordt verwezen naar het betreffende hoofdstuk bij volwassenen.

2. Vergoeding behandelingen

Voor informatie over de vergoeding van de medische behandelingen wordt verwezen naar de pagina ‘Zorgverzekering‘ en de pagina ‘Fiscaal‘.

3. Seksuele ontwikkeling van transgender kinderen en jongeren

Onderzoek heeft uitgewezen dat de seksuele ontwikkeling van transgender kinderen en jongeren duidelijk achter loopt bij die van het gemiddelde Nederlandse kind. Transgender kinderen gaan over het algemeen minder op onderzoek uit en durven zich vaak niet bloot te geven. Het gebruik van puberteitsremmers of cross-sekse hormonen brengt daar nog niet veel verandering in. Pas na een of meer geslachtsaanpassende operaties wordt de achterstand in gelopen.